Pilot Wijkplaatmaker – Hogeschool Leiden

Context en doel
De Wijkplaatmaker is ingezet door de onderzoeksgroep Sociale Innovatie van Hogeschool Leiden. Margreet Adam, actieonderzoeker, onderzoekt samen met een werkgroep met medewerkers uit wonen, welzijn, zorg, en wijkvereniging hoe de Wijkwaardenkaart en de Wijkplaatmaker kunnen bijdragen aan het versterken van de inwonersbetrokkenheid en samenredzaamheid in drie flatgebouwen met oudere bewoners.
De flats worden ‘WelThuisflats’ en sluiten aan op de initiatieven in Rotterdam en Amsterdam met de Thuisplusflats en de Lang Leve Thuisflats
Het doel van de inzet was het ondersteunen van herkenning, het gesprek stimuleren en gezamenlijke duiding van wat er speelt in de flats, met ruimte voor vervolgacties in een tempo dat past bij bewoners.
Waarde van visualisatie
Visualisatie heeft meerwaarde in het gesprek met bewoners:
- De praatplaat maakt abstracte thema’s concreet, herkenbaar en toegankelijk.
- De visualisatie wordt nadrukkelijk niet gezien als een vaststaande “waarheid”, maar als een uitnodiging tot gesprek en verdieping.
- Door de inhoud visueel te ordenen, helpt de praatplaat bij het in contact komen met de bewoners over wat zij belangrijk vinden in hun woonomgeving..
- De kracht zit niet in het vastleggen van conclusies, maar in het gezamenlijk kijken en betekenis geven.
- Een tekstuele rapportage is niet nodig, een visuele samenvatting is effectiever voor deze doelgroep.
Ervaring met de Wijkplaatmaker
De Wijkplaatmaker wordt als intuïtief en prettig ervaren. Er was nauwelijks instructie nodig; een korte uitleg en een filmpje bleken voldoende om ermee te werken.
Belangrijke observaties bij analyse Wijkwaardenkaart
Het maken van de praatplaat versnelde het analyseproces aanzienlijk.
De tool hielp om snel overeenstemming te bereiken over wat belangrijk is in de wijk.
De totale tijdsbesteding om tot de definitieve praatplaat te komen bedroeg circa 3 uur, inclusief wegwijs worden met de praatplaat maker en overleg.
Voorafgaand was een gezamenlijke analyse n.a.v alle wijkwaardengesprekken. Dit kostte meer tijd. Eerst is er door de onderzoeker en 2 studenten een voorselectie gemaakt uit de 50 geregistreerde gesprekken (dit duurde 2 tot 3 uur per persoon) en daarna is deze analyse besproken in het team dat alle wijkwaardenkaartgesprekken had gedaan. Dit duurde 2 uur.
Het maken van de Praatplaat gaat aanzienlijk sneller dan de traditionele analyse. De Praatplaat is meer een samenvatting. Het heeft wel meerwaarde om eerst alle data door te nemen en met elkaar te bespreken.
Het zelf maken van de praatplaat zorgt ervoor dat professionals de inhoud echt doorgronden en bewonerssignalen stevig en genuanceerd kunnen uitdragen.
Proces en methodiek
Bij de inzet van de Wijkplaatmaker is bewust gekozen voor een zorgvuldige, bewonersgerichte aanpak:
Doel van de bijeenkomsten: herkenning (“dit is onze buurt”), gesprek en eventueel het ontstaan van kleine werkgroepen.
Er is gewerkt met geprinte praatplaten (A3, kleur) op tafel, aangevuld met een eenvoudige PowerPoint-presentatie.
Het tempo tijdens bewonersbijeenkomsten is bewust rustig gehouden: eerst herkennen en bespreken, pas later eventueel toewerken naar actie.
Er werd gewerkt in kleine groepen, om te voorkomen dat dominante stemmen het gesprek bepalen en om kennismaking en gelijkwaardigheid te stimuleren.
Deze werkwijze sluit goed aan bij de doelgroep en bij de uitgangspunten van wijkgericht werken.
De kracht van de praatplaat tijdens de bijeenkomst met de bewoners
- Bewoners herkenden zich in de inhoud en voelden zich gezien.
- Er was brede overeenstemming over de weergave.
- Er was minder snel overeenkomst over de inhoud van de Praatplaat, vlotter dan bij de tekstuele analyse.
- Zowel bewoners als professionals (woningcorporatie, zorg, welzijn) reageerden positief.
- Er was een gevoel van eigenaarschap: “dit is onze plaat”.
- De praatplaat was een stevige basis voor een gesprek.
- Balans tussen positieve en negatieve punten in de praatplaat zorgde voor een constructieve sfeer
Snelle oplossingen
De bijeenkomst was gericht op herkenning en aanvulling, niet direct op oplossingen. Toch ontstonden spontaan al acties en ideeën:
- Bewoners boden hulp aan elkaar aan (bijv. meelopen naar huisarts).
- Woningcorporatie nam direct verbeteracties mee (bijv. brief over grofvuil bij woningontruiming).
Er is sinds 1 januari een community builder gestart (3 dagen per week, zichtbaar aanwezig in de flats). Dit versterkt vervolgacties, contact en motivatie. Zichtbaarheid en laagdrempelig contact (activiteitenruimte in het gebouw) worden belangrijk.
Adviezen voor de Wijkplaatmaker
Tijdens het gesprek zijn ook ideeën gedeeld voor verdere verfijning van de aanpak:
Het voorstel om per flat te werken met subtiele kleurvariaties in de praatplaat, om herkenning te vergroten. Je ziet dan eerder om welke flat het gaat.
Het idee om de analyse van de Wijkwaardenkaart nog fysieker en visueler te maken, bijvoorbeeld door afbeeldingen aan de muur te clusteren als werkvorm.
Deze suggesties onderstrepen de behoefte aan tastbare, visuele manieren van werken die het gesprek ondersteunen.
Conclusie
De Wijkplaatmaker wordt gezien als een krachtig, laagdrempelig en functioneel instrument voor wijkgericht werken. Juist de combinatie van methode, visualisatie en iteratief werken biedt veel potentie:
- voor bewonersparticipatie
- voor gezamenlijke analyse en besluitvorming,
De komende bewonersbijeenkomsten worden een belangrijke volgende stap om de impact en herkenning van de praatplaten in de praktijk verder te toetsen.